Deel 2: Het Oude West-Frisia

Frisia als deel van het Hertogdom Neder-Lotharingen

Frisia als deel van het Hertogdom Neder-Lotharingen

In een ver verleden, na de dood van Karel de Grote in 814, was West-Frisia een groot gebied in de delta van de Rijn en Maas. Dat liep grofweg van de Scheldemond in het huidige België tot aan het Vlie. Friesland en West-Friesland waren met elkaar verbonden en slechts gescheiden door het Vlie, een toen nog betrekkelijk smalle stroom in een veengebied. Ten oosten van het Vlie tot de monding van de Eems lag Midden-Frisia; ten oosten van de Eems lag Oost-Frisia, dat liep tot aan de Wezer bij Bremen. In die tijd werd de streek min of meer bestuurd door Noormannen, ondanks dat het deel uit maakte van het Frankische Rijk.

In een oorkonde staat dat West-Frisia op 4 augustus 889 werd geschonken aan de Friese edelman Gerulf, leenman van de Frankische vorst Arnulf van Karinthië.

Dit gebeurde na de moord op de Noordse krijgsheer Godfried de Deen in 885. Mogelijk verkreeg Gerulf de schenking door Godfried in de val te lokken, waarna hij werd aangesteld om het Rijk te beschermen tegen nieuwe Vikingaanvallen.

In de Abdij van Egmond werd een oorkonde bewaard, waaruit blijkt dat op 15 juni 922 of 923 de Frankische Koning Karel de Eenvoudige de kerk van Egmundam (Egmond) en al haar bezittingen schonk aan de zoon van Gerulf, Dirk I. Hij mocht zich graaf van West-Frisia noemen. Met Gerulf en Dirk begon de eeuwenlange heerschappij van de Gerulfingen, die eindigde met de dood van Jan I in 1299.

Met deze twee oorkonden in bezit (en met misschien nog wel meer) waren de Gerulfingen van mening dat zij eigenaar waren van geheel West-Frisia.

De Abdij van Egmond had bezittingen in een groot deel van Kennemerland en ook in de huidige regio West-Friesland. Dirk I en de Abdij werkten nauw samen: de eerste dijken in het landschap in onze regio werden aangelegd. De eerste graven van West-Frisia bouwden aan het Holland, dat toen nog geen Holland werd genoemd.

De regio West-Friesland als onderdeel van het Heilige Roomse Rijk

Prent kaart bron Wikipedia: kaart midden Europa: Heilige Roomse Rijk op hoogtepunt

Prent kaart bron Wikipedia: kaart midden Europa: Heilige Roomse Rijk op hoogtepunt

Het zuidelijk deel van West-Frisia veranderde vanaf de 9e eeuw door de komst van nieuwkomers (Franken). Zij hadden een andere taal, andere rechten en gewoonten. De Friezen trokken naar het huidige West-Friesland. In West-Frisia ontstond na verloop van tijd een Fries gedeelte en een niet-Fries gedeelte.

Grote delen van West-Frisia behoorden vanaf de 10e eeuw tot een graafschap dat deel uitmaakte van het hertogdom Neder-Lotharingen, dat op haar beurt viel onder het Heilige Roomse Rijk. Dit Heilige Roomse Rijk besloeg een enorm groot deel van Midden-Europa. Rooms betekent niet “Rooms-Katholiek” maar Romeins, naar het Romeinse Rijk. Het was een soort federatie of bond van honderden koninkrijkjes, hertogdommen, prinsdommen etc. De invloed van de graaf van West-Frisia was niet zo groot in moeilijk te bereiken delen als Zeeland en het noordoostelijk moerasgebied boven Kennemerland tot aan het Vlie. Deze laatste regio kreeg de naam West-Friesland.

Tot het graafschap West-Frisia behoorden grofweg Kinhem ofwel Kennemerland, Rijnland en Neder-Maasland. De graven van West-Frisia hadden eeuwenlang voor ogen dat het noordoostelijk deel van het graafschap hen toebehoorde. Het was het achterland van Kennemerland en per slot van rekening was het aan voorvader Gerulf en zoon Dirk I geschonken door de keizer.

Op 29 juli 1018 versloeg graaf Dirk II het leger van zijn superieur, de keizer van het Heilige Roomse Rijk, met wie hij in botsing was gekomen, omdat hij op eigen houtje ontginningen 4 was gestart en tol ging heffen op de Merwede. Deze Slag bij Vlaardingen wordt wel gezien als de start van Holland als politieke zelfstandige eenheid.

De graven van het gebied werden van vader op zoon steeds machtiger.

Domeinhoven en kerken

De graaf van West-Frisia, Floris II de Vette, de voorvader van de bekende Floris V, besloot zich vanaf 1101 “Graaf van Holland” te noemen. Hij had in Alkmaar een “Grafelijk Domein” dat het Hooge Huys werd genoemd. Hiernaast stond de Sint Laurentiuskerk, de voorganger van de huidige Grote Sint Laurens. Het domein en de kerk werden door een slotgracht omgeven.

Op de zandrug ten noordoosten van Alkmaar, had de graaf eveneens een domeinhof. Dit was het domeinhof Vronen-Oudorp met een eigen kerk en bestuurscentrum. Het is bekend dat in het oudste deel van “Vranlo”, lees Vronen, in de 10e eeuw al tenminste 10 hoeven stonden. Het woord Vroon betekent een stuk land dat niet werd verpacht werd maar eigendom was van een Heer, die het zelf in gebruik had. (Vroonlanden).

Een hoeve in die tijd was in feite een soort langwerpige landbouwschuur, met riet bedekt, die soms wel 25 meter lang kon zijn. Boeren werden verplicht een tiende van de opbrengst van hun land af te staan aan de graaf of aan de Abdij.

Aan de kerkenclusters kunnen we afleiden dat de invloedsfeer van Kennemerland tot ver in West-Friesland reikte: de kerkenclusters Petten, Heiloo en Velzen behoorden tot de Abdij van Echternach in Luxemburg. De kerk van Oudorp was tussen 1063 en 1118 afgesplitst van die van Heiloo, maar viel nog altijd onder Echternach. Deze kerk van Oudorp was de secundaire moederkerk van maar liefst negen dochterkerken tot ver in West-Friesland. Die kerken waren in de ogen van de graaf markeringspunten van de grens van Kennemerland. Kennemerland liep in de beeldvorming van de graaf Floris II de Vette tot Wadwaij, Hoogwoud en Wognum aan toe.

De graven van het West-Frisia van 800-1100 (die zich na 1100 “Graven van Holland” gingen noemen) hadden dus het beeld dat zij hun rechten konden laten gelden op het noordoostelijk gebied.

Het moerasgebied tussen Alkmaar en Vronen met de drie kastelen: Torenburg, Middelburg en Nieuwburg

Het moerasgebied tussen Alkmaar en Vronen met de drie kastelen: Torenburg, Middelburg en Nieuwburg